Nog nooit had ik een gletsjer van dichtbij gezien. Het enige dat ik mij dus kon voorstellen is een grote blauwe massa ijs. Achteraf gezien was het dat niet alleen, het bleek toch wel één van de mooiste dingen te zijn die we in Noorwegen hebben gezien.
De rit naar de Nigardsbreen gletsjer zelf is al mooi. Je rijdt vanuit Gaupne door het Jostedal, een kloof met rechts van je de rivier vol stroomversnellingen en watervallen. Halverwege kom je dan wat idyllisch boerenland en een oud kerkje tegen dat tussen de bossen, bergen en de rivier ligt ingeklemd. Plotseling zie je dan ineens een als een vikinghelm vormgegeven toeristencentrum, de Breheimsenteret. Vlak daarachter is een smal weggetje dat naar de gletsjer loopt en vanaf hier heb je al een adembenemend uitzicht op de ijsmassa in de verte.
De Noren proberen uit alles een toeristenslaatje te slaan dus het laatste stukje van dit smalle weggetje was weer een tolweg. Voor 25 kronen konden we doorrijden. Na een kort tochtje door wat bosland kom je dan op een gigagrote parkeerplaats en wat gelijk opviel was het feit dat ruim de helft van de aanwezige mensen uit Nederland kwam.
Op de parkeerplaats heb je de keuze; pak ik het bootje (nog eens 25 of 40 kronen voor een retour per persoon) of ga ik te voet verder. Toen wij uiteindelijk in het bootje zaten zagen we dat met te voet gaan, verkeerde zuinigheid zou zijn geweest. Het paadje is lastig begaanbaar en diverse mensen ploeterden en zwoegden zich vooruit, terwijl wij comfortabel naar de voet van de gletsjer werden gebracht. Tenminste, dat dachten we. Halverwege werden we er weer uitgezet omdat het water daarna te ondiep was. Een half uur durende tocht door rotsig landschap was de volgende missie van de dag. En dat was toch best lastig met Birk in de rugdrager en Liz met gladde schoenen.
Het uitzicht tijdens deze tocht is fenomenaal en je voelde de koude wind al die van de gletsjer kwam. En die gekke zwarte stipjes op de gletsjer bleken van dichtbij toeristen die op de gletsjer gingen wandelen. Na een wiebelbrug en een steile gladde rots stonden we uiteindelijk dan vlak voor gletjser. Helemaal tot aan het ijs word niet aangeraden vanwege afbrokkelgevaar dus we zijn braaf achter de linten gebleven.
Birk werd langzaam wakker en we hebben met zijn vieren dik een half uur naar die gigantische ijsmassa gekeken. Het deed pijn aan onze ogen om tegen zo’n bult wit ijs aan te kijken, maar je ontdekte elke minuut weer iets nieuws. Een kleine waterval, een ruisende beek aan de onderkant van de gletsjer, ijsgrotten, vieze zwarte randen en gekke figuren in het ijs. Het was overigens ook leuk om naar die gasten te kijken die op de gletsjer aan het ijsklimmen waren.
De terugtocht duurde wel wat langer want de kinderen waren een beetje moe van het lange klauteren. Maar de boot pendelt continue op en neer en dus waren we snel weer bij de parkeerplaats waar de volgende lading mensen alweer klaar stond. Absoluut de moeite waard!
Meer foto's:




